Rokkenjager

Uit de oude doos (9) De rokkenjager

Deze keer wil ik eens stil staan bij een wat minder bekende schaker uit de 19e eeuw, namelijk Curt Von Bardeleben. De, in 1861 in Berlijn geboren, heer Von Bardeleben kwam uit een aristocratische familie, die hem aanvankelijk financieel ondersteunde. Hij was een markante figuur; goed gekleed en altijd met een strooien hoed op. Een bescheiden gentleman die alleraardigst was en met wie men aangenaam kon converseren. Hij genoot van goede wijn en hij stond ook bekend als een rokkenjager.

Zeker toen zijn familie er genoeg van kreeg om hem te blijven sponseren, trouwde hij keer op keer met welgestelde dames, die het wel aanlokkelijk vonden met deze interessante man te trouwen die ook nog het predicaat “Von” had. Boze tijdgenoten stelden dat de echtgenotes bij elkaar genoeg waren om een harem voor een sultan te vormen. Met voldoening werd eraan toegevoegd dat Curt telkens vergat dat echtscheidingen ook geld kosten! Zodra hij weer eens goed bij kas zat, leefde hij als een grand seigneur in de duurste hotels. Voor deze wijnkenner werden de duurste Bordeauxs uit de kelders gehaald en werd de koetsier van het hotel erop uit gestuurd om de enige roomboter die onze Curt wenste, te vinden

Naast een goede literaire smaak, was hij wetenschappelijk onderlegd en speelde hij een aardige partij schaak. Het eerste schaaksucces was zijn 1e plaats bij de reservegroep van het grote toernooi in Londen 1883. De hoofdgroep werd overigens gewonnen door een ongenaakbare Zukertort. Zijn verder successen zijn van bescheiden aard; gedeelde 1e prijzen in Kiel 1893 (samen met Walbrodt) en Coburg 1904 (samen met Schlechter en Swiderski).

Dat Von Bardeleben ook nare trekjes had, blijkt uit het volgende. Gedenkwaardig in dit verband is wat er in het grote toernooi Hastings 1895, waar Pillsbury het succes van zijn leven boekte, gebeurde. Ook Von Bardeleben speelde mee in dit toernooi en stond na 9 ronden op een score van 7,5 punten! De pas onttroonde wereldkampioen Steinitz had de laatste 4 partijen verloren en trad nu aan tegen onze held. Deze partij werd een juweeltje van de hand van Steinitz. Na 21 zetten was de volgende stand bereikt (Steinitz heeft wit):

Steinitz speelde hier de fantastische zet 22. Te7!

Er is nu een wonderlijke positie ontstaan; alle stukken van wit staan in en er dreigt ook mat op veld c1. Na 22…..Ke7 is de hoofdvariant 23. Te1! Kd6 24. Db4 Tc5 25. Pe4 en het is uit. De zwarte koning moet dus opzij en gezien het dreigende mat op c1, is de hangende zwarte dame niet echt in gevaar.

Aldus volgde er: 22…..Kf8 23. Tf7! Kg8 24. Tg7!.Kh8 25.Th7 Kg8 ..

En op het moment dat Steinitz mat in 10 zetten wil aankondigen, vlucht Von Bardeleben de zaal uit. Via een bode laat hij later weten dat hij de partij opgeeft!

Jammer dat hij een van de mooiste combinaties uit de schaakgeschiedenis zo laat aflopen. Overigens luidt de matvoering als volgt: 26 Tg7 Kh8 27 Dh4 Kg7 28 Dh7 Kf8 29 Dh8 Ke7 30 Dg7 Ke8 31 Dg8 Ke7 32 Df7Kd8 33 Df8 De8 34 Pf7 Kd7 35 Dd6 mat. Een sterk staaltje van Steinitz!

Ook in de 13e en 17e ronde liet Von Bardeleben zich van zijn slechte kant zien; hij liep halverwege de partij weg en tegen Pillsbury kwam hij niet eens opdagen. Genoeg gemopperd op deze excentrieke figuur! Uiteraard speelde hij zelf ook goede partijen en daar laat ik er nu een van zien. In hetzelfde toernooi van Hastings 1895 speelde Von Bardeleben (met wit) in de 4e ronde tegen de nieuwe wereldkampioen Lasker. Na de 20e zet van wit was de stand als volgt:

Op 20….Lb2 volgt 21. Tc5 Lh3 22. Pe7 en Th5 dus volgt er: 20. ….Lh3 21. Pf6 Df6 22. Dh5! Oeps! 22…..Dh6 23. Dh6 gh6 24 Tfd1 Tac8

Het eindspel is voordelig voor wit, maar tegen de wereldkampioen………….

25. Tc3 Tfd8 26. Tdc1 Tc6 27. Le4 Ta6 28. Tc5 Ta2 29. Tb5 Le6 30. Tc7 a5 31. Lf5 Ta1 32. Kg2 La2

Wat anders? Ld5 e4 La8 Ta7 en ook Lf5 Tf5 Tf8 Ta7 is kansloos

33. b3 a4!? Typisch Lasker. In plaats van het nutteloze Ta8 Le4 Ta6 Ld5 geeft hij liever een pion voor meer tegenspel.

34. ba4 Td2 35. a5 h5! Bewaakt veld g4. 36. a6 Ld5 37. e4 T1a2 38. Kf3!....

Slaan op d5 leidt tot remise, dus Von Bardeleben vlucht naar voren op zoek naar winst.

38….Ta3 39. Kf4 Tf2 40. Ke5 Le4 41. Le4 Ta6 42. Kd4 Th6? Dit veld is niet erg gelukkig gekozen.

43. Ke3 Tf1 44. Ke2 T1f6 Op Ta1 volgt Tg5 Kf8 en Ld5. Wit wint nu de kwaliteit, waarmee het doek valt.

45. Tc8 Kg7 46. Tg5 Thg6 47. Lg6 hg6 48. Tgc5 Te6 49. Kf2 Tf6 50. Kg2 Td6 51. T8c7 Td2 52. Kh3 Td6 53. T5c6 Td5 54. Tc2 Tf5 55. Kg2 g5 56. Tf2 57. Kf2 Kg6 58. Kf3 zwart geeft op.

Een mooie partij van Von Bardeleben.

Na de inflatie van 1923 waren ook de financiële middelen van de familie uitgeput. Von Bardeleben zag een armoedig bestaan niet zitten en hij besloot de slecht staande partij rond zijn leven maar liever op te geven. Hij deed dit door in 1924 vrijwillig uit zijn hotelraam te springen.

Een waardig slot van deze markante figuur

Quote van de maand:

Laat ons offeraars zijn, maar geen slagers

Shakespeare, Julius Caesar

Joop Beijersbergen augustus 2017